Home

Natuurlijk Sturen

 

Voor een functioneel weg- en omgevingsontwerp

 

Mijn kleinzoon van zes, Nathan, fietste naar school. Onderweg dacht hij: "Kan ik ook met mijn ogen dicht fietsen?". Dat deed hij en binnen twee seconden lag hij in de berm van het fietspad. "Neen, dus", concludeerde hij.

"Neen, dus", zeg ik, "Ook andere weggebruikers hebben hun ogen nodig om zich in het verkeer te kunnen verplaatsen.".

 

Max van Kelegom, 2013

 

 

Natuurlijk Sturen begon als een beweging tegen de al te botte bijl van klakkeloze technische ingrepen in het wegverloop, zoals snelheidsremmers. Men had vooral bezwaar tegen de aantasting van het landschappelijk schoon van de omgeving bij regionale wegen – ‘de buitenwegen’ of ‘plattelandswegen’. Het was toch denkbaar dat het gedrag van bestuurders gunstig beïnvloed werd door de eigenschappen van de omgeving, het landschap zelf? Dan was het ook denkbaar dat je dat kon toepassen in de vorm van ‘landschapseigen’ aanpassingen, zonder al te harde, louter verkeerstechnische verminkingen van de lokale omgeving.

 

Maar daarvoor moet je wel meer weten over hoe bestuurdersgedrag in real time (d.w.z. op het moment zelf dat er gereden wordt) geleid wordt door de omgevingskenmerken langs de weg. Vaststaat dat een bestuurder haast alle informatie over de wegomgeving visueel binnenkrijgt. We moeten daarom nagaan wat zulke visuele informatie doet in ons brein, het orgaan waar ons doen en laten wordt voorbereid; oftewel: hoe beleeft een bestuurder de visuele omgeving?

 

Eerst de vraag waarvandaan die omgevingsinformatie, voordat het gedrag erdoor kan worden beïnvloed, dat brein bereikt: en dat is uit het gezichtspunt van de bestuurder. Het is daarom een eerste vereiste dat we de lokale wegomgeving beschouwen vanuit dat gezichtspunt: de oogpositie van een bestuurder – met alle perspectivische schaal- en andere voorwaarden die daaruit volgen.

 

Dat was één: vanuit welk punt kijken bestuurders. En dan – wáár kijken bestuurders naar?

 

De lokale wegomgeving biedt zich aan een bestuurdersoog aan als een ‘tafereel’. De informatie daaruit wordt pas in het brein verwerkt tot een ‘model’ dat de bestuurder ‘beleeft’. Wat we beleven is dus een modeltafereel, dat is afgeleid van het in de voorruit aangeboden tafereel. En – dat voorruittafereel is wel heel wat anders dan een plattegrond! Wegontwerpers zullen zich dan ook moeten aanwennen om niet meer louter vanuit ‘horizontale’ plattegronden te denken en te werken. We moeten een ontwerp veel meer baseren op het ‘verticale’ aanzicht, het voorruittafereel – en dat heel precies zoals zich dat aanbiedt aan het oog van een bestuurder.

 

In de technische wereld is te weinig praktische ervaring met de visueel-technische kanten van de waarneming door bestuurders tijdens het uitvoeren van de rijtaak, en dus van de betekenis ervan voor het rijgedrag. Te weinig als uitgangspunt voor een doeltreffend wegontwerp. Dit gebrek aan praktisch inzicht was voor Verkeer-Zien* de aanleiding om nu eens alle aandacht te richten op juist die visueel-technische kanten.

We willen er kennis over verzamelen en ervaring mee opdoen, om daarmee meer inhoud te geven aan Natuurlijk Sturen als beweging. En om van Natuurlijk Sturen een echt ontwerpinstrument te maken.

 

Voor meer hierover kunt u contact opnemen met

Max van Kelegom, per mail via max@natuurlijksturen.nl of

telefonisch via 0651 984 927.

Of u kunt te rade gaan bij de website van Verkeer-Zien: www.verkeerzien.nl

 

 

 

* Verkeer-Zien is een samenwerkingsverband tussen VMC Beleids- en Procesmanagement en IWACC Tafereelonderzoek/Verkeer Visueel. Verkeer-Zien wil in de verkeerswereld vooral meer aandacht vragen voor de visueel-technische aspecten; het wil de kennis erover en de ervaring ermee uitbreiden. Bovenal willen we vanuit die visuele benadering praktijksituaties analyseren, en zo proberen tot geldige diagnoses te komen. Want met zulke diagnoses kunnen we dan weer nuttige adviezen geven.

 

 

 

 

© Max van Kelegom, februari 2014